Geurenleek of supersnuiver? Het maakt niet uit!

In onze taal zijn geuren veel moeilijker te beschrijven dan kleuren. De Nederlandse taal heeft daar niet als enige last van, alle Westerse talen hebben een erg beperkte woordenschat voor geuren. Maar dan nu het dilemma: onderscheiden getrainde neuzen nu meer geuren dan ongetrainde neuzen? Zullen de zogenaamde wijnsnuivers nu meer ruiken dan neuzen die liever in een pilsje hangen? Ilja Croijmans, promovendus aan de Radboud Universiteit, zocht het uit.

Het Nederlands kent eigenlijk alleen ‘muffig’ als specifieke, abstracte geuromschrijving. De woorden als ‘chemisch’ en ‘natuurlijk’ kunnen namelijk ook voor andere zintuigen gebruikt worden. Wat zou het cool zijn als je exact kunt zeggen wat je ruikt en proeft. Leden van de Maleisische Jahai-stam kunnen bijvoorbeeld geuren wél kernachtig en eensgezind omschrijven: de Jahai kennen maar liefst twaalf abstracte woorden voor geuren!

Ilja liet 22 wijnkenners, 20 koffiekenners en 21 leken ruiken

Nu zou je verwachten dat wijn- en koffie experts (die het liefst de hele dag over geuren praten) een perfecte beschrijving kunnen geven van aroma’s. Niets was minder waar…

Ilja liet 22 wijnkenners, 20 koffiekenners en 21 leken ruiken aan speciale geurpennen snuffelen en vervolgens liet hij hen hun waarneming beschrijven. De getrainde neuzen herkenden evenveel geuren als de ongetrainde neuzen. De proefpersonen vergeleken de geuren met andere geurbronnen en de leken gaven daarbij vaak een evaluatie van de geur.

Meer weten? Alles over het onderzoek van Ilja Croijmans lees je hier >>

–> Geen Drink Different wijntips & blogposts missen? Schrijf je in