De waarheid achter rosé

Olé! Tijd voor rosé! Dat het populaire drankje voor een ultieme smaakbeleving kan zorgen is algemeen bekend, maar soms blijft de trendy zomerhit gehuld onder een roze nevel van mysterie en mythe. De 5 grootste rosé-mythes worden hier voor je ontrafeld. Zo heb je weer wat gespreksstof tijdens de chillsessies in de zon...

1. Rosé wordt gemaakt door witte en rode wijn te mengen

De waarheid achter rosé

Nee hoor. Rosé is in principe een rode wijn, maar dan gemaakt als een witte. Nadat de blauwe druiven zijn geplukt en gekneusd geven de schillen kleur af aan het sap. Als de wijnmaker tevreden is over de tint dan worden de druiven very gently geperst en worden schillen en sap van elkaar gescheiden. Vervolgens gaat de gisting verder. Binnen de EU is het trouwens per wijnwet verboden om rode wijn en witte te mengen om rosé te krijgen, behalve in de sjieke Champagnestreek. Laat het 007 niet horen…

2. Rosé donkerder dan het lichtroze lingerie setje van je vriendin is per definitie zoet

Nou, niet perse. Hoe langer de schillen in contact zijn met het sap, des te donkerder de rosé wordt. En dus ook krachtiger en fruitiger. Maar niet perse zoet. Het is een andere smaakbeleving aan fruit. In een lichte rosé proef je bijvoorbeeld fris citrusfruit in tegenstelling tot de meer donkere jongens waar vaak rijp fruit (van frambozen of aardbeien) is te ontdekken. De een noemt dit fruitig, de ander zoet. Potato-potato.

3. De lekkerste rosé komt uit de Provence

Smaken verschillen, maar in Nederland zijn we in ieder geval dol op de droge en lichte stijl zoals de jetset het drinkt aan de Zuid-Franse kusten. Rosé Provence style is dé roze klassieker bij uitstek, maar om nou met de oogkleppen op te blijven drinken en niet om te kijken naar andere roségebieden is eeuwig zonde. Want er is genoeg te ontdekken. Nieuwe Wereldlanden produceren echte zomerse fruitbommetjes. Spanje houdt ook van power en Duitsland verrast vriend en vijand met originele en avontuurlijke roséwijnen van koele klimaatdruiven. Ben je fan van bubbels, probeer dan ook eens een bubbel rosé zoals de Italiaanse wolf in schaapskleren van La Jara. De rosékeuze is reuze en de zomer is eigenlijk te kort om ze allemaal te proeven.

4. Voor waanzinnige wijn-spijs combinaties moet je niet bij Mr. Rosé zijn

De waarheid achter rosé

Nope! Wrong again. Rosé is veel meer dan alleen maar hatsikidee-wegtikwijn op een zwoele zonnige zomerse dag. Het drankje is juist goed in te zetten als kick-ass begeleider van talloze gerechten. Dat komt omdat rosé de eigenschappen heeft van zowel rode wijn als witte en daar kan je dus makkelijk mee variëren. Ook de lichte varianten kunnen gerust wel tegen een stootje: in het Franse zuiden (met al haar knoflook en kruiden) zijn ze gek van stevige smaken op het bord. Rosé staat aan tafel heus z’n mannetje: ook al issie roze.

5. Echte mannen drinken geen rosé

Ook Brad Pitt drinkt wel eens rosé

Alhoewel er bij mannen tegenwoordig steeds meer affiniteit is voor het roze drankje dan tientallen jaren geleden, is rosé -lekker clichématig- toch het meest populair bij de ladies. Misschien tijd voor een rosé-revolutie? Want een gegrilde tonijnsteak of een Bourgondisch charcuterieplankje (lekker man) wordt nóg lekkerder met een knisperend glas rosé ernaast. Je testosterongehalte zal zeker niet omlaag schieten. Integendeel. Want zelfs Brad Pitt maakt z’n eigen rosé. Nou, dan weet je het wel.

Zin gekregen om je roze horizon te verbreden? Check deze line-up en begin je ontdekkingstocht vandaag.

--> Geen Drink Different wijntips & blogposts missen? Schrijf je in

[mc4wp_form]


Hokjeswijnen

Iedereen krijgt wel eens met vooroordelen te maken. In de wijnwereld is het niet anders. Tegelijkertijd schept ons generaliserend vermogen duidelijkheid en overzicht. Hierdoor wordt kiezen makkelijker. Handig, vooral in de ingewikkelde wereld van wijn. Druivenrassen gelden tegenwoordig dan ook steeds meer als merknamen, maar heb je één sauvignon blanc geproefd, dan ken je ze nog lang niet allemaal. Hokjesdenken. Ook druivenrassen en wijnen ondervinden er last van. Vaak onterecht, want ze zijn niet voor niets zo bekend geworden. Daarom is het tijd voor een kleine imagoboost. Vier hokjeswijnen waar iedereen een mening over heeft en die het (opnieuw) proberen zeker weten waard zijn. Drink outside the box!

#1 Chardonnay

chardonnay

Bekend, bejubeld en verguist. Van alle markten thuis. De grootste diva van de wijnwereld staat bijna synoniem voor witte wijn vanwege haar makkelijke karakter.

Chardonnay gedijt namelijk goed in zowel koele als warmere gebieden en staat dan ook overal ter wereld aangeplant. En dus heeft de hele wereld er een mening over.

Van  ‘ik hou niet zo van chardonnay’ tot ‘anything but chardonnay’ (ABC). Tijdens de jaren negentig kwam deze anti-chardonnay-beweging op gang, omdat er zoveel chardonnay op de markt was, dat men toe was aan iets nieuws. Het heeft niet geholpen. Vandaag de dag is het nog steeds de meest populaire witte druif ter wereld. Terecht? Denk het wel. Want de druif produceert uiteenlopende wijnen van statige strakke en elegante varianten in Chablis tot wulpse tropische en mollige exemplaren in Napa Valley. En alles wat daartussenin zit. Crème de la crème van de Franse Bourgogne en tevens dé witte druif in de luxebubbel uit Champagne (om maar even twee wijnstreken te noemen). In de VS zien veel Chardonnay’s net effe te lang de binnenkant van het houten vat en het is dan ook deze vloeibare-boterbabbelaar-stijl die de meesten mensen ging tegenstaan.  Maar het kan dus anders. Chardonnay heeft voor elke wijndrinker wat te bieden. Vlak haar daarom niet uit en zeg eens wat vaker ja tegen chardonnay.

#2 Merlot

How Merlot Can you Go.

Misschien niet de meest spannende druif om te bestellen in wijnbar of restaurant en de film Sideways in 2004 zorgde ook niet echt voor een stijging in de populariteit van de klassieke Franse druif, maar van Merlot kan je toch echt heel gelukkig worden. Vaak wordt de blauwe druif in blends ingezet tegen de scherpe randjes,  als verzachter van cabernet sauvignon. En met succes. [tagline]Merlot heeft een enorme range aan toegankelijke en zwoele smaken en ruikt vaak er-rug lekker.[/tagline] Wijnmakers zijn ook dol op de druif vanwege zijn productieve karakter. Beroemd geworden in Bordeaux, in superblends met collega’s cabernet sauvignon en cabernet franc en komt in z’n uppie tot grote hoogte in Pomerol en Saint-Emilion. Merlot geeft mondvullende, romige en weelderige wijnen met minder tannine dan grote vriend cabernet. Een echte vriendelijke jongen dus. Ook de Italianen, Zuid-Afrikanen en Amerikanen weten raad met deze fruitige, weelderige donkerblauwe druif. Misschien niet de meest flitsende en avontuurlijke druivensoort van ze allemaal, maar hij hoort gewoon in je wijnrek te liggen. Punt. Go merlot!

#3 Riesling

riesling rules

Ook niet echt iemand die bij het grote publiek bekend staat als ‘woehoe’ en ‘doe mij die maar’. Bij het grote publiek dan hè, want wijnfans weten hem wel te vinden. Riesling is dan ook een multi-talent.

Als perfecte terroirvertaler en ultieme bewaarwijn met zijn veelzijdig karakter weet hij wijndrinkers van over de hele wereld te boeien.

Het zijn met name de droge rieslings die furore maken, maar de weelderige edelzoete varianten laten dikwijls ook een onvergetelijke indruk achter. Tevens staat hij bekend als ideale tafelgast. Rieslings zitten iets hoger in de zuren, waardoor het in het begin even doorbijten is, maar als je daar doorheen bent dan wordt je beloond met prachtige aroma’s van bloemen, citrusfruit en honing. Vergeet even die kartonnen literpakken met zoete Riesling die vroeger in de vouwwagen mee gingen tijdens het kamperen, want Riesling is back. Big time!

#4 Rosé

Drinking Rosé

Hij moet nog gaan beginnen, die mooie zomer. Verzengende hitte, terras op, kleedje op, park in, bootje varen en vijftig tinten roze in het glas. Krijgt de stempel louter-goed-weer-wijn op het etiket gedrukt, maar de echte fans weten wel beter.

Want ook in de keuken weet rosé haar vrouwtje goed te staan.

Zelfs die lichtgetinte varianten uit het Franse zuiden houden zich staande in de keuken. Lekker bij een gegrild visje, maar ook veggieliefhebbers, bouillabaissefanaten, salade lovers, ratatouillerakkers en quinoa-koninginnen vinden allemaal hun heil bij een mooie en strakke rosé met een tikkie kruiden. Spaanse varianten zijn vaak iets voller en fruitiger en doen het daardoor heel goed bij de barbecue. Maar ook cool-climate-rosé’s worden steeds populairder. Sommigen zien rosé nog steeds als een tweederangswijn, nergens voor nodig. Inzetten als aperitief is en blijft een goed idee, maar zet ‘m ook wat vaker op tafel. Doen! Want alles wordt mooier al kijkend door een roze bril.

Dus hup, dat hokje uit en hopla, het glas in.
Cheers.